Zika en het larvengif: hoe zit het nou echt?

Het waren heus niet alleen paranoïde complotdenkers die me besprongen. Want kom, ‘een bruikbare hypothese gelijk samenzweerderskolder noemen?’ Dat ging veel mensen te snel.

Onderwerp van discussie was de onrust over zika, dat door muggen overgedragen virus dat in verband wordt gebracht met ‘microcefalie’ (baby’s geboren met kleine hoofdjes) en het verlammingssyndroom Guillain-Barré.

Maar het venijn schuilt hem precies in die woorden: ‘in verband gebracht met’. Dat klinkt niet heel zeker. Volgens onder meer de groep ‘doctors van de besproeide dorpen’ uit Argentinië komen de mismaakte baby’s helemaal niet door het virus, maar, losjes gezegd, door ‘Monsanto’. In Brazilië is een nieuw landbouwgif toegevoegd aan het drinkwater, bedoeld tegen muggenlarven. Dát zou de echte oorzaak zijn van de problemen.

In de krant had ik weinig ruimte om uit de doeken te doen waarom dat heel waarschijnlijk onzin is. Nu na de NOS en het Algemeen Dagblad zelfs het keurige NRC Handelsblad in de val is gestapt en denkt dat de gifhypothese ‘mogelijk’ is, lijkt het me geen overbodige luxe om het hier nog eens in iets meer detail – en met bronverwijzingen – te doen. Al is het maar voor mijzelf: om me te dwingen me er nog eens goed in na te verdiepen.

Een bijpraatsessie dus, in vier lemma’s.

mug-beter

 1. Zika veroorzaakt écht babyproblemen!

 

Dat de huidige variant van het zikavirus microcefalie veroorzaakt, is meer dan aannemelijk. Al meerdere keren is het virus rechtstreeks aangetoond in de weefsels van een mismaakte baby.

Neem het geval (pas beschreven in vakblad NEJM) van de 25-jarige Sloveense gezondheidswerkster die zich in oktober meldde bij het ziekenhuis. Ze was in februari 2015 zwanger geworden in Natal, Brazilië, waar ze toen werkte. In de dertiende week van haar zwangerschap kreeg ze koorts en griepachtige verschijnselen, en vier maanden later bleek het hoofdje van haar baby ernstig mismaakt. Zó ernstig, dat ze de zwangerschap afbrak. Er volgde een uitgebreide autopsie: de baby bleek het virus in de hersenen te hebben – en in geen enkel ander orgaan – en bij de vrouw had het virus zich in de placenta gevestigd.

Zo zijn er inmiddels meer gevallen. Tel dat op bij de waarneming dat het aantal meldingen van kleinhoofdigheid in het gebied met een factor 20 omhoog is geschoten, en het ligt erg in de rede om het virus te verdenken.

Ja, wacht: daaraan zitten twee haken en ogen.

De eerste is dat je, om het virus onomstotelijk aan te tonen, eigenlijk hersenbiopten moeten nemen bij álle baby’s, en dan alleen op het moment dat het virus nog actief is. (Naderhand is het virus namelijk niet meer goed aan te tonen: de ‘vingerafdruk’ die zika achterlaat in het immuunsysteem lijkt erg op die van verwante, andere virussen). Dat kan natuurlijk niet.

Tweede voetangel is de dat kleinhoofdigheid ook zónder virus soms voorkomt. Het defect kent meerdere oorzaken, zoals andere virusinfecties, domme pech of – jawel – omgevingsfactoren. Vandaar dat sommige artsen zich nogal voorzichtig uitlaten: per geval kun je niet goed zeggen hoe het komt. Sterker, je kunt zelfs niet uitsluiten dat er niet óók gevallen zijn die door gif zijn veroorzaakt.

Dat punt is voor veel mensen lastig te bevatten. Het verband met zika is dus zoiets als het verband tussen roken en longkanker – een statistisch verband, dat per definitie een beetje ambigu is. Van geval tot geval is lastig vast te stellen of roken longkanker veroorzaakt: er zijn immers rokers die géén kanker krijgen, en er zijn ook niet-rokers die wél longkanker krijgen. Maar zoom uit, naar het geheel, en je ziet dat er wel degelijk een zeer sterk verband is: negen van de tien gevallen van longkanker treden op bij rokers.

mug-beter

2. Maar… op andere plekken waar zika toesloeg waren er géén problemen!

 

Een veel gehoorde uitspraak. Alleen: hij klopt niet.

De huidige variant van het zikavirus (ZIKV) komt uit Frans Polynesië – die eilandengroep in de Stille Oceaan waarvan Tahiti u het bekendst in de oren zal klinken. Inmiddels is duidelijk dat het virus ook daar zorgde voor meer gevallen van Guillain-Barré: bewijs dat het virus de hersenen aantast.

Ook mismaakte baby’s werden er vastgesteld. Ze vielen alleen minder op. Frans Polynesië heeft maar 260 duizend inwoners; een factor duizend minder dan de 205 miljoen inwoners van Brazilië. Dat zijn er simpelweg te weinig om subtiele zaken als een verhoging van een zeldzame geboorteafwijking in het oog te laten springen. Pas achteraf bleek zo’n verhoging er wel degelijk te zijn (PDF).

Ja, en Afrika dan? Het continent waar het virus in 1947 voor het eerst werd ontdekt? Het antwoord is eigenlijk simpel. Experts denken dat het virus daar al zo lang rondwaart dat de bevolking resistentie heeft opgebouwd. Brazilië zou wel eens de eerste keer kunnen zijn dat het virus een grote mensenpopulatie ‘aanboort’ die nog geen immuniteit tegen het virus heeft.

En de omliggende landen, Colombia, Suriname, Argentinië? Daar is de voor de hand liggende verklaring: misschien komt het nog. Het virus sloeg immers als eerste toe in Brazilië, voordat het zich naar andere gebieden verspreidde. Eventuele problematische zwangerschappen zijn daar nog ‘gaande’, hoe cru dat ook klinkt.

Een lichtpuntje is er ook. Duidelijk is inmiddels dat het aantal gevallen van microcefalie in Brazilië wordt ‘overschat’. Iedere ouder die net een baby heeft gekregen met een enigszins klein of verdacht hoofdje, denkt direct aan zika. Gelukkig blijkt dat lang niet altijd terecht: bij ruim duizend verdachte kinderen bleek haast tweederde bij nader onderzoek gelukkig toch gezond.

Als je het zo bekijkt, is het denkbaar dat de schade meevalt en dat ouderwetse ongerustheid nog het meeste van de problemen verklaart. Dat zou natuurlijk goed nieuws zijn.

mug-beter

3. Het insecticide pyriproxyfen is uiterst verdacht!

 

Enfin, ik begin een beetje te klinken als de voorlichter van het ziekenhuis. Laten we dat beruchte landbouwgif eens beter bekijken. Want zoals we sinds DDT weten, kan gif gemene en vooral sluipende gevolgen hebben voor de volksgezondheid.

Maar in het geval van pyriproxyfen zijn er toch wel belangrijke verzachtende omstandigheden.Het gif verhindert dat muggenlarven uitrijpen tot volwassenheid – en doet dat door de mug bij een chemisch ‘haakje’ te pakken dat mensen niet eens hebben. Het middel doet dat trouwens al 20 jaar, in 40 landen, waaronder Nederland, Frankrijk, Denemarken en Spanje, zonder dat daar problemen aan het licht kwamen. In Brazilië gebruikt men het spul sinds 2004; sinds 2014 wordt het in sommige regio’s toegevoegd aan drinkwater.

Dat klinkt griezelig. Maar omdat het spul zo specifiek is afgestemd op insecten, is de dosis waarbij het schadelijk wordt voor zoogdieren zeer hoog, blijkt uit dierproeven en de veiligheidsrapporten. Omgerekend naar de mens zou je een theelepel pure pyriproxifen per dag moeten nemen voordat je misschien schade ondervindt. In Brazilië zou je iedere dag 1000 liter behandeld water moeten drinken om in de gevarenzone te komen.

Maar wacht. In januari heeft de Braziliaanse organisatie van arbo- en milieuartsen Abrasco tegen het middel gewaarschuwd, stellen diverse nieuwsberichten (en Wikipedia). Alleen klopt dat niet helemaal, blijkt als je het rapport zelf leest. In de ‘technische notitie’ pleit Abrasco niet zozeer tegen pyriproxyfen, maar tegen de strategie die Brazilië al 40 jaar hanteert om muggen te bestrijden met soms schadelijke giffen zoals organofosfaten en pyrethroïden. Dat werkt niet, stellen de artsen: veel beter zou het zijn om gewoon eens aandacht te besteden aan de hygiëne. Pyriproxyfen komt in de marge van dat betoog slechts drie keer kort ter sprake – en over eventuele schadelijkheid van het middel laten de artsen zich niet uit.

Resteert dat het wel erg toevallig is dat het gebruik van het gif in ruimte en tijd precies samenvalt met de problemen. Maar ook dat klopt niet helemaal. Zo is Recife het ‘epicentrum’ van de geboorteproblemen, maar gebruikt men juist daar het larvengif niet. Bovendien werd het gif in Brazilië al in 2014 aan sommige drinkwatervoorraden toegevoegd – een timing die eenvoudigweg niet klopt met de uitbraak van microcefalie van eind 2015.

Vrijgepleit, dus? Dat is ook weer te kort door de bocht. Denkbaar is bijvoorbeeld dat het gif en het virus elkaar op de een of andere nog onbekende manier versterken. Maar eerlijk is eerlijk, logisch is het niet. De meeste experts vinden zo’n verband dan ook niet erg waarschijnlijk (zie hierna).

O ja, een detail tenslotte: het larvenmiddel wordt in Brazilië niet door het eng klinkende Monsanto ingezet, zoals velen suggereren, maar door de WHO. Dat geeft toch weer een wat ander gevoel: doel is hier om de gezondheid te bevorderen, niet ‘om geld te verdienen’.

En het middel is, opnieuw anders dan veel websites aangeven, geen product van Monsanto, maar van het Japanse bedrijf Sumitomo. Dat is zelfs geen ‘dochterbedrijf’ van Monsanto, zoals men hier en daar noteerde (zelfs ik trapte erin).

mug-beter

 

4. Maar de experts zeggen het ook!

 

Een belangrijk en telkens herhaald misverstand is dat onafhankelijke experts ‘verdeeld’ zouden zijn over de link tussen microcefalie en zika. Maar bij nadere inspectie is dat helemaal niet het geval en is men redelijk unaniem.

Ja, sommige kenners zijn voorzichtig en houden zich op de vlakte: nader onderzoek is nodig, je weet immers nooit. Maar wetenschappers met kennis van zaken die de zaak bestuderen en wél tot een inschatting komen, verwijzen de link met larvicide unaniem naar het rijk der fabelen. Complete onzin, en zelfs zeer kwalijk om antimuggenspul verdacht te maken in een gebied waar het wemelt van de muggenziektes.

Het zijn ook niet de minsten die dat zeggen: directeur Francis Colins van de Amerikaanse National Institutes of Health, het Amerikaanse RIVM de CDC, een panel onafhankelijke academische Australische experts, hoogleraren neurotoxicologie, Braziliaanse experts, medische factcheckrubrieken, medisch onderzoekers ter plaatse, bloggende hoogleraren oncologie, Nederlandse muggenexperts en niet te vergeten de WHO zelf.

De opschudding over zika en pyriproxifen is ontstaan door een rapport van een Argentijnse organisatie genaamd de ‘dokters van de besproeide dorpen’, die actie voert tegen gewasbestrijdingsmiddelen.

Toevallig kende ik de ‘dokters’. Onlangs checkte ik een andere nogal uitzinnige claim van dit gezelschap, namelijk dat tampons en maandverbandjes ‘besmet’ zouden zijn met Monsanto’s landbouwgif glyfosaat. Dat klopte niet, maar nog veelzeggender was het inkijkje in hoe deze dokters opereren: officiële, controleerbare publicaties hadden ze niet, en op vragen over hun werkwijze of cijfers kwam geen antwoord, ondanks vele mailtjes, telefoontjes en diverse plechtige beloftes hunnerzijds om te antwoorden.

Ik werd, kortom, wekenlang aan het lijntje gehouden. Een schimmige club: zo riep een decaan van de Universiteit van Cordoba recent op tot een integriteitsonderzoek tegen hun voorzitter Ávila Vazquez, en vonden diverse onafhankelijke experts die ik zelf sprak over de ‘tamponzaak’ hun metingen om allerlei technische redenen nogal verdacht.

En nu dus zika en pyriproxifen. Het is beslist aardig het ‘rapport’ van de dokters eens te lezen: een opvallend amateuristisch opgesteld pamflet, zonder technische details (hier de PDF). Zelfs de naam van het middel waar het allemaal om gaat heeft men verkeerd geschreven: pyroproxyfen, in plaats van pyriproxyfen.

‘Médicos de Pueblos Fumigados is een verre van wetenschappelijk betrouwbare organisatie’, concludeerde vorige week ook onderzoeksjournalist Kavin Senapathy in zakenblad Forbes. ‘Deze groep is meer een randverschijnsel dan betrouwbaar, meer bevooroordeeld dan objectief.’

Toen ik het vorige week checkte, schrok ik een beetje hoeveel Nederlandse media meegaan in de riedel: dit gif is verdacht. Dat is dan ook de gemakkelijke weg: er is nog veel onduidelijk, dus zo’n gif kan er ook nog wel bij, waarom niet?

Ja, volgens die denkwijze kunnen buitenaardse kaboutertjes en mannen in het zwart van de CIA er ook achter zitten. De technische term voor de redenatie is het ‘ad ignorantium’-argument: je weet iets niet helemaal zeker, dús zal al het andere dat men roept wel kloppen.

Ja,. vast. Maar alles afwegend weet ik wel waar ik mijn geld op zou inzetten.

Advertisements

6 thoughts on “Zika en het larvengif: hoe zit het nou echt?

  1. Het venijn zat dit keer in de kop van het stukje: dat de ruimte in de krant je niet toestond het volledig uit de doeken te doen. Als de algemene tendens in krantenland – zoals je zo vaak hoort zeggen – is dat er minder nieuws is en meer achtergrond, dan is het jammer dat juist voor dat laatste de ruimte ontbreekt.

    Ik heb het idee dat we, als samenleving, echt een paar levensgrote problemen aan het ontwikkelen zijn: enerzijds een informatieoveraanbod dat mensen dwingt te selecteren, zodat de in de maatschappij aanwezige kennis aan het fragmenteren is; anderzijds de teloorgang van media waar de discussie wél kan worden gevoerd. Het wordt uiteindelijk het recht van de sterkste.

    1. Ha Jona, dank voor je wakkere observatie!

      Hoewel ik het helemaal eens ben met je analyse moet ik hier helaas toch de hand in eigen boezem steken: ik had de situatie verkeerd ingeschat. Vorige week heb ik ervoor gekozen om vier ‘samenzweringstheorieën’ te behandelen voorin de krant (waar we inderdaad gewoon scherp moeten kiezen en kort moeten zijn omdat er nu eenmaal meer nieuws is), omdat me was opgevallen dat er veel te doen was over het larvicide, maar ook over bijvoorbeeld die genetisch gemanipuleerde muggen.

      Achteraf gezien was dat geen ideale keuze: de zaak met het larvengif was veruit het meest complex, en zoals ik hier ook schrijf, heb ik die situatie wat tekort gedaan door het ‘in een pennenstreek’ af te doen als hihahoe de aluhoedjes doen weer mal. Zeker toen serieus te nemen media als NOS, NRC en The Washington Post het brachten als ‘nieuws’. Toen ik mijn stuk voor de krant schreef, was het gewoon nog een van de geruchten die rondging op internet.

      Met de kennis van nu zou ik tegen mijzelf zeggen: Maarten, zoek het liever goed uit, neem wat meer de tijd en schrijf hier een gedegen backgrounder over voor de bijlage.

      Overigens is het goede nieuws dat mijn blog straks ook te vinden is op de Volkskrant-site 😉
      (nog even geen link)

  2. Goed stuk Maarten, dank. In lijn met Jona’s reactie, waarom zou dit stuk niet tenminste online bij de Volkskrant kunnen verschijnen?
    gr Marcel

  3. Helder geobserveerd Maarten. In de krant ermee! Of op de site (dar is ook De Krant). Je hebt een paadje Door de infojungle voor me vrijgemaakt. Dank daarvoor.

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s