Oktoberwarmte: door het klimaat?

DAAR HAD FRANS Dijkstra de klimaatvrezende goegemeente toch mooi even beet.

Dijkstra – chemicus en statisticus, maar toch vooral een gepensioneerde heer met een werkende internetverbinding – had eens gecheckt of het inderdaad zo is dat de zachte oktoberdagen van laatst erop duiden dat het klimaat warmer wordt, zoals hier en daar viel te beluisteren.

Dus ging Dijkstra aan het tellen. En zowaar: door de bank genomen is het aantal oktoberdagen waarop de 23 graden wordt gehaald na 1957 helemaal niet groter dan daarvoor.

dijkstra
Frans Dijkstra

Als een statisticus dat zegt, moet het wel kloppen, toch? Dat de beste man zich daarna prompt verloor in allerlei klimaatskeptische kletskoek, ach, het zullen de jaren zijn. ‘Feit blijft, dat er van een doorgaande opwarming in Nederland momenteel geen sprake is’, ging hij in de Volkskrant tekeer.

Aangemoedigd door de cursus Excel die ik net had gevolgd, besloot ik de gangen van Dijkstra toch eens na te gaan. Al meteen bleken zijn cijfers niet te kloppen: Dijkstra heeft 23 warme oktoberdagen teveel geteld. Interessant is ook de constatering die een andere blogger al deed: opvallend is dat de warme oktoberdagen wél allemaal in de meest recente jaren vallen. Na 1975 waren het er 16, ofwel de helft van het totaal.

Maar noem het details. Een handjevol dagen uit een dataset van ruim 40 duizend metingen bekijken, waar lullen we eigenlijk over. Dus gooide ik het net wat ruimer uit, en keek ik hoe het zit met het aantal ‘gewone’ lenteachtige oktoberdagen – dagen waarop het in De Bilt 20 graden of warmer werd.

Kijk: dat blijken er warempel wel degelijk langzaamaan steeds meer te worden. Na de jaren vijftig waren het er zelfs tweemaal zoveel als daarvoor:

grafiekje1

Trouwens: waarom zou je niet ook de andere maanden bekijken? Onderzoekers die dat deden, kwamen tot een inzicht dat opeens al een stuk vertrouwder klinkt: de laatste decennia zijn er langzaamaan steeds minder extreem koude dagen, en steeds meer extreem warme.

Ja, maar dat is Nederland, kun je daar tegenin brengen. Het wordt hier steeds voller en stedelijker. En doordat er minder luchtverontreiniging is, bereikt ons meer zonlicht. Nogal wiedes dat het hier warmer wordt.

Daarom is het verstandiger om nóg meer metingen te gebruiken. Doe eens gek: we nemen de hele wereld.

Onderzoekers die dat deden, kwamen tot het inzicht dat de aarde langzaam opwarmt, met een spurt na 1975 en een pauze sinds ongeveer 1998, naar men inmiddels aanneemt doordat de oceanen een inhaalslag maken in warmteopname. Het is, kortom, gewoon precies wat je mag verwachten, op een planeet waar we de dampkring verdikken met extra broeikasgassen.

Lekkere statisticus, die Dijkstra. Natuurlijk heeft hij gelijk dat de mens kort van memorie is en dat het vroeger ook regelmatig warm was in oktober. Maar vervolgens maakt hij precies dezelfde denkfout als klimaatactivisten die ieder onverwachts doorbrekend zonnetje omarmen als bewijs dat de aarde opwarmt. Alleen doet Dijkstra het precies andersom: omdat er altijd warme dagen zijn geweest, redeneert hij, warmt de aarde blijkbaar niet op.

De werkelijkheid is natuurlijk dat het weer de dobbelsteen is die in een opwarmende wereld heel langzaam steeds een beetje oneerlijker wordt. Geleidelijk zullen we steeds vaker ’warm weer’ gooien. Maar frustrerend genoeg zeggen die worpen afzonderlijk niets over het klimaat.

De statisticus Dijkstra weet dat natuurlijk best. Sommige gepensioneerde heren zouden na hun pensionering ook gewoon een verbod op Excel moeten krijgen.

Advertisements

2 thoughts on “Oktoberwarmte: door het klimaat?

  1. Dijkstra heeft een puntje als hij zegt dat die stijging in warme oktoberdagen in Nederland niet knoertekneiterhard te maken is. Maar daarna is hij wel door z’n punten heen. Naast de terechte kritieken in de column hierboven, is er nog een zeer belangrijk punt: klimaatverandering meet je niet alleen door te kijken naar de stijging van warme oktoberdagen in Nederland. Een daling van de koude januari-nachten in Luxemburg, een stijging van de warme zaterdagmiddagen in Turkije en een stijging van het aantal niet ontzettend koude zonsopgangen in Siberië geven ook de nodige informatie – om maar een paar voorbeelden te geven. En net zoals dat je de mate van criminaliteit in Nederland niet meet door alleen te kijken naar het aantal winkeldiefstallen bij de Albert Heijn in Rotterdam-Zuid, meet je de verandering van het klimaat op aarde niet door te kijken naar specifieke dagen gedurende een twaalfde van het jaar in een gebied dat nog niet een duizendste van het aardoppervlak is. Althans, een echte statisticus zou zoiets niet doen.

    Al die aparte voorbeelden an sich zijn allemaal apart geen waterdicht bewijs voor klimaatverandering. Maar vele kleintjes maken een grote. Klimaatverandering is een feit. Helaas. Mensen die hun drogredeneringen in een statistisch jasje stoppen om ze aannemelijk over te laten komen ook. Helaas.

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s